Nieuws

Eerste circulaire aanbesteding in Amsterdam smaakt naar meer

Nieuwe betonnen bestrating met een hoog percentage gerecycled materiaal. Met dat doel startte de gemeente Amsterdam een pilot voor de circulaire aanbesteding van de herinrichting van Comeniusstraat Oost in het stadsdeel Nieuw-West. En hoewel de pilot nog loopt, weten zowel de gemeente als uitvoerder Van Gelder nu al dat deze manier van circulair aanbesteden voor betonnen bestrating naar meer smaakt.

Auteur: Harmen Weijer 

De pilot is voortgekomen uit het convenant 'Betonnen bestratingsmaterialen in een circulaire economie', opgesteld door deelnemers van de Betonketen Amsterdam. Aan het convenant doen naast de gemeente Amsterdam ook de bedrijven mee die deelnemen aan de Betonketen Amsterdam: Van Gelder, KWS Infra, Rutte groep, PARO, combinatie Theo Pouw /SagrexStruyk Verwo Infra en De Meteoor. “Het doel van het convenant is om te kijken of we in Amsterdam de betonnen bestrating, zoals tegels en trottoirbanden, hoogwaardiger kunnen hergebruiken dan nu het geval is”, vertelt projectleider Kenny van Grootveld van de gemeente Amsterdam. “Nu wordt dit meestal afgevoerd en verwerkt tot puin voor funderingen onder wegen. Dat is een laagwaardige toepassing van recycling. Wij willen dat de betonnen bestrating van circulair materiaal wordt gemaakt.” 

MKI-waarde 

Om te testen hoe dit in de praktijk uitpakt hebben Renske Zengers van het Materiaalbureau en Patrick Tramper, ambtelijk opdrachtgever - beiden van de gemeente Amsterdam - ervoor gezorgd dat er een pilot kon worden opgestart. In de pilot is een EMVI-aanbesteding uitgeschreven op basis van duurzaamheidskenmerken. Door middel van een meervoudige onderhandse aanbesteding zijn de drie aannemers in de Betonketen Amsterdam – Rutte, KWS Infra en Van Gelder - uitgenodigd een aanbieding te doen. “In deze aanbesteding is voor de nieuwe betonnen bestrating gevraagd aan de inschrijvers om de MKI-waarde te bepalen, dus met een zo laag mogelijke milieu-impact. Daarbij krijgen de inschrijvers een fictieve korting voor duurzaamheidsaspecten op de prijs per m3 gebruikt beton.”  




Het gaat in dit geval om 
de vier aspecten in de levenscyclusfasen: de productie van de betonnen producten, het transport naar de projectlocatie, het verwerken op de locatie en de sloop na levensduur.  

Van de drie inschrijvers is Van Gelder als beste uit de bus gekomen, door deze fasen van de levenscyclus goed door te laten rekenen en door de nauwe samenwerking met de leverancier van de betonproducten, vertelt Stefan van Drie van Van Gelder. “We hebben voor deze aanbesteding de samenwerking gezocht met een van de andere deelnemers in de Betonketen, leverancier van betonproducten Struyk Verwo Infra. Samen met hen hebben we dlevenscyclus van de materialen laten doorrekenen. Daarnaast hebben we heel scherp gekeken hoe we het transport naar de locatie en de verwerking op de locatie slimmer en duurzamer kunnen maken. En de simpelste oplossingen zijn vaak de beste. Zoals de betonnen producten na transport op de locatie niet eerst in depot op te slaan en later weer op te halen met kranen, maar door direct op de locatie een goede plek te vinden voor opslag. Dat scheelt nogal in verkeersbewegingen rond de locatie. 

De samenwerking met Struyk levert ook in de laatste fase pluspunten op. Van Drie: “Struyk verwerkt de betonproducten dusdanig dat ze kunnen worden hergebruikt als grondstof in nieuwe betonproducten.” 

Nalevingsprotocol 

Om te zorgen dat Van Gelder waarmaakt wat het in zijinschrijving heeft aangeboden, is een zogeheten nalevingsprotocol opgesteld, vertelt Van Grootveld van de gemeente Amsterdam. En die controle begint al bij de productie, want er zijn audits geweest op de locaties van Struyk en Van Gelder om te bepalen of er conform de aanbieding duurzaam genoeg wordt geproduceerd. Maar ook het transport naar en de verwerking op de bouwplaats – denk aan: met welke machines wordt er gewerkt – wordt gecontroleerd.” Een dergelijk protocol heeft Van Grootveld nog niet eerder gebruikt. “We worden hierin dan ook vanuit de Betonketen door Daaf de Kok geadviseerd.” 



De hele pilot is v
oor zowel Van Gelder als de gemeente Amsterdam nieuw, en dat was voor beide partijen even wennen. Van Drie (Van Gelder): “De uitdaging bij deze aanbesteding is dat we met de keten samenwerken. Onze corebusiness is asfalt en dat maken we zelf. Dus als we dat duurzamer willen maken, dan besluiten we dat en doen we het. Maar nu zijn we afhankelijk van andere partijen in de keten en wat zij op het gebied van circulaire producten kunnen.”  

Van Grootveld van de gemeente Amsterdam zou in een volgende aanbesteding voor circulair betonnen bestrating het liefst zien dat de te verwijderen betonnen materialen in de nieuwe wordt verwerkt. “De verwijdering zat nu nog niet in de EMVI-aanbesteding, maar is apart aanbesteed. In theorie komen er nu wel circulaire betonnen producten in de Comeniusstraat Oost, maar het allermooiste is natuurlijk als de lokale materialen worden verwerkt en daarna in nieuwe producten weer terugkomen.” 

Het werk is inmiddels in volle gang. Eind augustus is de oude bestrating eruit gehaald en afgevoerd. Sinds maandag 10 september is Van Gelder bezig met de nieuwe bestrating. De verwachting is dat in Amsterdam meer bovengrondse infrastructuurprojecten op deze manier circulair worden aanbesteed. Van Grootveld: “We hebben in Amsterdam hoge duurzame doelen gesteld. Dan is het logisch dat we dit soort projecten zo circulair mogelijk laten uitvoeren.” 

Aan Van Gelder zal het niet liggen, weet Van Drie. “We kunnen de wereld natuurlijk niet in één keer verbeteren, maar stapje voor stapje komen we steeds verder.”  

Dit artikel is verschenen in BouwCirculair 3, oktober 2018.

Deel dit artikel